gij·pen (onov.ww.) 1 [scheepv.] bij het voor de wind zeilen het grootzeil overbrengen naar het andere boord (defintie woordenboek Van Dale)
Wikipedia geeft een meer uitgebreide uitleg:
Gijpen is
Ver weg van de volle jachthavens en de drukte van het vaste land. Overtijen om de tegenstroom uit te zitten of even een moment van rust aan boord: een
Iedere twee jaar zeilde hij de CAM race, bij de eerste edities van de toen nog redelijk onbekende tocht als opstapper maar de laatste keren steeds als schipper. Zeilen in het donker